
Truus van Lier, geboren op 22 april 1921 in Utrecht, groeide op in een warm, sociaal gezin en studeerde rechten aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Al vroeg in de oorlog besloot ze in verzet te komen tegen de Duitse bezetter.
In 1940 sloot Truus zich aan bij de verzetsgroep C-6. Ze werkte als koerierster, smokkelde wapens en illegale lectuur, en hielp Joodse inwoners van Utrecht naar onderduikadressen. Haar moed en vastberadenheid groeiden, en uiteindelijk nam ze een van de gevaarlijkste taken op zich.
De NSB-hoofdcommissaris van politie in Utrecht, G.J. Kerlen, was berucht. Hij was verantwoordelijk voor de opsporing van ondergedoken Joden en de nazificatie van het politiekorps. Ook liet hij familieleden arresteren van agenten die weigerden aan de Jodenvervolging mee te werken. Truus wist dat hij moest worden gestopt.
Op 3 september 1943 wachtte Truus hem op bij zijn huis aan het Willemsplantsoen in Utrecht. Ze had een speciaal zakje in haar jas laten naaien, waarin ze haar pistool verborg. Toen Kerlen zijn huis verliet, richtte zij haar wapen. Vanaf een afstand van zeven meter schoot ze hem neer. Truus van Lier was de eerste vrouw in Nederland die in haar eentje een nazi doodde.
Aanvankelijk dacht men dat een man verantwoordelijk was. Maar ooggetuigen spraken over een jong meisje met een grijs geruite mantel en donker haar. Kort daarna werd een beloning van 10.000 gulden op haar hoofd gezet – omgerekend bijna 70.000 euro. Truus werd verraden, gearresteerd, en naar kamp Sachsenhausen gebracht. Daar werd ze op 27 oktober 1943 geëxecuteerd. Ze was slechts 22 jaar. Truus van Lier is uitgegroeid tot een symbool van verzet en moed. In Zocherpark staat sinds 2022 een standbeeld ter ere van haar daden.
Any feedback for this story?