

Gerrit Jan van der Veen werd geboren in Amsterdam op 26 november 1902, als een van de vier kinderen van Gerrit Jan van der Veen, een slager, en Dorothea Lorenz. Zijn leven zou worden gekenmerkt door kunst en heldendaden in tijden van oorlog.
Van der Veen begon zijn carrière als technisch tekenaar bij de Nederlandse Spoorwegen, en later werkte hij als werktuigkundige bij de Bataafse Petroleum Maatschappij op Curaçao. Het was hier dat hij zijn eerste daad van moed verrichtte door een brand op een olietanker te blussen, terwijl de rest van de bemanning het schip al had verlaten.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog weigerde Van der Veen, die naast beeldhouwer ook beeldend kunstenaar was, lid te worden van de door de Duitsers ingestelde Kultuurkamer. Sterker nog, hij werd een prominente leider in het verzet tegen deze door de bezetters opgelegde instantie. Dit leidde tot zijn arrestatie, maar na zijn vrijlating dook hij onder. Gedurende de rest van de oorlog zwierf hij door Amsterdam, leidde een uitgebreid verzetsnetwerk en was actief betrokken bij tal van verzetsactiviteiten.
Een van zijn meest opvallende bijdragen aan het verzet was de oprichting van de Persoonsbewijzencentrale, waar mensen valse persoonsbewijzen konden verkrijgen. Onder zijn leiding werden ongeveer 80.000 persoonsbewijzen vervalst in de drukkerij van Frans Duwaer. Dankzij deze vervalsingen konden duizenden mensen aan arrestatie door de Duitse bezetters ontkomen. Van der Veen was niet geïnteresseerd in winst; zijn doel was om zoveel mogelijk mensen uit handen van de Duitsers te houden.
Daarnaast voerde Van der Veen met succes verschillende aanslagen en overvallen uit op belangrijke Duitse doelen in Amsterdam. Hij pleegde een aanslag op het Amsterdamse bevolkingsregister, overviel samen met andere verzetsstrijders de Landsdrukkerij in Den Haag en probeerde zijn verzetsvrienden te bevrijden uit het Huis van Bewaring in Amsterdam.
Helaas leidde zijn vastberadenheid tot zijn arrestatie op 1 mei 1944. Normaal gesproken vond een terechtstelling enkele weken na het vonnis plaats, maar in het geval van Van der Veen en zijn medeverzetsstrijders gebeurde dit slechts enkele dagen later. Begin juni 1944 werden ze gefusilleerd in de duinen bij Overveen, nabij Haarlem. Van der Veen en zijn vrienden werden begraven op de erebegraafplaats in Overveen.
Na de oorlog werd het beruchte hoofdkantoor van de Sicherheitsdienst (SD) aan de Euterpestraat omgevormd tot een school. Zowel de school als de straat werden vernoemd naar de dappere verzetsman: de school kreeg de naam Gerrit van der Veenschool, later het Gerrit van der Veen College, en de Euterpestraat werd omgedoopt tot Gerrit van der Veenstraat. Zo blijft de nagedachtenis van Gerrit Jan van der Veen levendig en inspirerend voor volgende generaties.
Heb je suggestie voor dit verhaal?