Route Image 1 - Description
Route Image 2 - Description

Glazenmakersoproer

Op 24 maart 1848, een gedenkwaardige dag in de geschiedenis van Nederland, kwam een bijeenkomst van arbeiders op de Dam in Amsterdam tot een uitzonderlijk tumultueuze climax die de boeken inging als het Glazenmakersoproer. Dit oproer wordt beschouwd als een van de eerste grootschalige opstanden van arbeiders in Nederland en vond plaats te midden van de onrustige atmosfeer van het revolutiejaar.. Opmerkelijk genoeg bleef de politie op de achtergrond. De demonstranten trokken de winkelstraten in, waarbij ze ruiten vernielden en winkels plunderden. Later werden zelfs de ramen van de patriciërswoningen aan de Heren- en Keizersgracht niet gespaard van vernielingen.

De revolutie van de arbeidersklasse, aangewakkerd door onder andere Karl Marx, kreeg in Nederland niet meteen voet aan de grond. De arbeiders waren destijds nog gebrekkig georganiseerd en leefden onder zware omstandigheden. De Amsterdamse bevolking werd zwaar getroffen door de gevolgen van de economische crisis die in 1843 was uitgebroken. Mislukte oogsten en een aardappelziekte verergerden de crisis, waardoor het aantal werklozen toenam en de honger steeg, mede door de hoge accijnzen op basisvoedsel zoals brood en vlees.

1848 vormde een onstuimig jaar in Europa, waar overal onlusten uitbraken. Burgers streefden naar een liberaler systeem en eisten constitutionele hervormingen. De onrust begon in Frankrijk, waar republikeinen en liberalen hervormingen in het kiesrecht eisten. In maart braken er ook onlusten uit in Berlijn, die bekendstaan als de Maartrevolutie. Koning Frederik Willem IV van Pruisen stemde snel in met hervormingen om de gemoederen te bedaren, zoals het bijeenroepen van parlementsleden om de grondwet te herzien en het beloven van persvrijheid en hervorming van de Duitse Bond. In deze context van Europese opstanden kreeg Nederland een nieuwe Grondwet.

Koning Willem II, die regeerde in deze onrustige tijden, realiseerde zich al op 14 maart 1848 dat verandering onvermijdelijk was. Hij riep de voorzitter van de Tweede Kamer bijeen om een commissie op te richten om snel een nieuwe Grondwet te formuleren. Deze commissie, onder leiding van Johan Rudolph Thorbecke, bracht binnen enkele maanden een ontwerp-Grondwet voort. Op 3 november van datzelfde jaar werd de nieuwe Nederlandse Grondwet ingevoerd, waarmee het begin werd ingeluid van een nieuw tijdperk van politieke en sociale verandering in Nederland. Het Glazenmakersoproer van 1848 en de onrust in Europa dienden als een katalysator voor deze historische verschuivingen in de Nederlandse samenleving.

Heb je suggestie voor dit verhaal?