


Aan de Reguliersbreestraat 26 verrijst tussen 1918 en 1921 het filmpaleis Theater Tuschinski. Opdrachtgever is de legendarische Abram Icek Tuschinski (1886-1942), een Poolse Jood die op weg naar de Verenigde Staten in Nederland belandde op de vlucht voor de pogroms. Zijn carrière begint in Rotterdam, met de exploitatie van vier bioscopen en een hotel voor migranten op doortocht naar Amerika.
In 1917 verhuist hij met zijn zwagers, Gerschtanowitz en Ehrlich, naar Amsterdam om zijn droom waar te maken: een filmpaleis. Als locatie kiest Tuschinski de zogeheten Duvelshoek, een lugubere krottenwijk in de binnenstad die hij voor de gelegenheid opkoopt en sloopt. Hijman Louis de Jong maakt een ontwerp voor de bioscoop. Maar De Jong maakt zijn opdracht niet af: zijn samenwerking met Tuschinski, die niet voor niets de 'Napoleon van de Duvelshoek' wordt genoemd, loopt finaal op de klippen.
Tuschinski modelleert het gebouw geheel naar eigen smaak en trekt decorateurs aan die ieder een eigen stempel op het gebouw drukken. Het resultaat is een mix aan stijlen: Amsterdamse school, Jugendstil, art nouveau en art deco. Toenmalige architecten spraken neerbuigend over 'pruimentaartarchitectuur' en 'wuft filmpaleis'. Tegenwoordig is men enthousiaster: in november 2020 wordt Pathé Tuschinski door filmexperts uitgeroepen tot het mooiste klassieke filmtheater van Europa, Afrika en het Midden-Oosten.
Heb je suggestie voor dit verhaal?