

Op de plek waar nu De Grote Markt ligt, stond vanaf 1452 het indrukwekkende St. Elizabeth Convent, een van de vier nonnenkloosters die Den Haag in de late Middeleeuwen kende. In 1584 werd het klooster verwoest door een grote brand. Na de Reformatie werden de resten gesloopt en het terrein doorverkocht.
In 1614 werd op deze plek een groente- en fruitmarkt ingericht. De Grote Markt groeide uit tot de belangrijkste handelsplek van de stad. Naast groente en fruit werden er ook koren, boter en kaas verkocht, aangevoerd via de Prinsegracht vanuit het Westland. Rondom het plein verrezen handelshuizen zoals het Koorenhuis en het Boterhuis.
Toen in de late 19e eeuw de meeste Haagse grachten, waaronder de Prinsegracht, werden gedempt, verhuisde de markt. Maar in de jaren '70 bloeide De Grote Markt opnieuw op, dit keer als uitgaansgebied. Tegenwoordig staat het plein bekend als het hart van het Haagse 'Popdistrict', waar het hele jaar door liveconcerten plaatsvinden in uiteenlopende genres: van rock tot jazz, hiphop en elektronisch.
Midden op het plein staat Haagse Harry, het stripfiguur dat het Haagse dialect omarmt en symbool staat voor de stad. En dan is er nog de beroemde lampenwinkel van Piet de Borst. Toen de euro werd ingevoerd, deed minister Gerrit Zalm hier zijn allereerste aankopen met het nieuwe betaalmiddel. Een mooi stukje moderne geschiedenis, midden op een historisch plein.
Heb je suggestie voor dit verhaal?