
Het tragische lot van Johan en Cornelis de Witt blijft een schokkend hoofdstuk in de Nederlandse geschiedenis. In het Rampjaar 1672 werden de twee broers vermoord door een woedende menigte, een gebeurtenis die de kwetsbaarheid van macht en de kracht van volkswoede pijnlijk blootlegde.
Johan de Witt was van 1653 tot 1672 raadpensionaris van Holland en daarmee de belangrijkste politicus van de Republiek. Onder zijn leiding werd het Eeuwig Edict ingevoerd, waarmee het stadhouderschap werd afgeschaft en de Staten het bestuur overnamen. Wel bleef de mogelijkheid bestaan dat de prins van Oranje het leger zou aanvoeren.
De neergang begon met een beschuldiging van Willem Tichelaar, een omstreden barbier. Hij beweerde dat Cornelis de Witt hem had gevraagd Willem III te vermoorden. Cornelis werd gearresteerd, maar de aanklacht bleek ongegrond. Toch werd hij veroordeeld zonder duidelijke bewijzen. Johan, die zijn broer wilde bezoeken, liep in een val en werd samen met hem door een menigte gegrepen.
De broers werden gruwelijk vermoord en hun lichamen verminkt. Lichaamsdelen werden afgesneden en volgens ooggetuigen zelfs opgegeten of aan honden gevoerd. Deze brute daad werd een symbool van de haat die hen ten deel viel.
Tot op de dag van vandaag worden enkele relieken bewaard, waaronder een tong en een vinger die aan de broers zouden toebehoren. Ze herinneren aan een duister moment in de Nederlandse geschiedenis.
Heb je suggestie voor dit verhaal?