
Hotel des Indes aan het Lange Voorhout in Den Haag is een iconisch hotel met een rijke geschiedenis van bijna 150 jaar. Het werd in 1858 gebouwd als woonhuis voor Thierry baron van Brienen van de Groote Lindt, een vertrouweling van koning Willem III. Architect Arend Roodenburg gaf het pand een statige uitstraling, passend bij de elite van die tijd.
Na Van Brienens overlijden werd het pand verkocht aan hotelier François Paulez, die het in 1881 omvormde tot Hotel des Indes – vernoemd naar het beroemde hotel in Batavia, toenmalig Nederlands-Indië. Het hotel zette vanaf de opening de toon in luxe. Rond 1900 had elke kamer warm en koud stromend water en een directe telefoonlijn met de receptie. In 1902 werd zelfs een lift geïnstalleerd, een zeldzaamheid destijds. Een opvallend detail: vrouwelijke gasten konden dansen met ingehuurde danspartners, toen nog 'gigolo's' genoemd – een puur sociaal vermaak zonder seksuele diensten.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog namen Duitse officieren hun intrek in het hotel. Ondanks die bezetting speelde het hotel een stille, moedige rol in het verzet. In de kelders werden Joodse onderduikers verborgen. Dankzij de inzet van het personeel overleefden zij allen de oorlog. Hotel des Indes is vandaag de dag niet alleen een luxueuze verblijfplaats, maar ook een plek met een indrukwekkend verleden.
Heb je suggestie voor dit verhaal?