
De Royal Mews geeft je het gevoel alsof je een wereld binnenstapt die de tijd beleefd met rust heeft gelaten. Dit elegante paardenstalcomplex, gebouwd in 1825 door architect John Nash – die ook een groot deel van Buckingham Palace zelf heeft herontworpen –, is sindsdien een bruisend centrum van het koninklijke leven geweest.
Het pronkstuk is de Gold State Coach, vervaardigd in 1762 voor koning George III. Deze vier ton zware koets, bedekt met glinsterend bladgoud, heeft sinds 1821 elke Britse vorst naar zijn of haar kroning vervoerd, en recentelijk nog koning Charles III op zijn reis naar Westminster Abbey in 2023.
Het woord 'Mews' heeft een verrassend middeleeuwse oorsprong. Vanaf 1377 werden koninklijke valken in de buurt van Charing Cross gehouden, waar ze tijdens hun ruiperiode werden gehuisvest in gebouwen die 'mews' werden genoemd. De naam is afgeleid van het Franse werkwoord 'muer', wat 'ruien' betekent. Toen een brand deze oorspronkelijke gebouwen in 1534 verwoestte, verbouwde koning Hendrik VIII ze voor paarden, maar de oude naam uit de valkerij bleef gewoon bestaan.
Op het hoogtepunt woonden bijna 200 medewerkers en hun gezinnen binnen deze muren. Koningin Victoria richtte hier in 1855 een school op voor de kinderen van de arbeiders, en koningin Elizabeth II beschreef het later als een klein dorpje dat bij het paleis hoorde.
Sinds 1843 vertrekt er elke ochtend nog steeds een koets om de post tussen de koninklijke residenties op te halen. Sommige tradities lijken zich te verzetten tegen elke poging om ze af te schaffen.
Heb je suggestie voor dit verhaal?