
Waar nu Rotterdam Centraal ligt, lag vroeger station Delftsche Poort, geopend in 1847. Het was een belangrijk treinknooppunt richting steden als Amsterdam en Den Haag. Tijdens het bombardement van Rotterdam in mei 1940 raakte het station zwaar beschadigd en werd later verwijderd.In de vroege Eerste Wereldoorlog, vooral na de val van Antwerpen op 9 oktober 1914, vluchtten duizenden Belgen naar Nederland. Tussen 7 en 14 oktober 1914 kwamen zo’n 23.000 Belgische vluchtelingen aan in Rotterdam, vaak per trein via Delftsche Poort en Beurs. De stad met ruim 6 miljoen inwoners zag tijdelijk een grote toestroom.
Vrijwilligers en hulpcomités vingen hen op. Ongeveer 17.000 vluchtelingen werden ondergebracht bij particulieren. Namenborden hingen aan huizen om familie te helpen elkaar te vinden. Circa 6.000 Belgen verbleven op schepen of in openbare gebouwen, en wie meer te besteden had, ging naar pensions of hotels.Na ongeveer een maand keerde het merendeel, zo’n 18.000, terug naar België. Voor de 5.000 die bleven, bood Rotterdam ondersteuning. Armlastigen kregen dagelijks 30 cent, kinderen de helft. Deze uitkeringen waren hoger dan voor werkloze Rotterdammers, wat soms wrevel veroorzaakte. Begin 1916 werden ze gelijkgetrokken op ongeveer 5 gulden per week.
Het bestuur maakte zich zorgen over spanningen, vooral tussen Belgische vluchtelingen en Duitse inwoners. Belgische kinderen mochten niet naar Rotterdamse scholen, maar gingen naar door België gefinancierde scholen.
In 1918 steeg het aantal vluchtelingen weer tot circa 9.000. Klachten over uitkeringen en banen leidden niet tot ernstige conflicten. Na de wapenstilstand in november 1918 keerden de meeste Belgen terug.
Heb je suggestie voor dit verhaal?