
Dit water heeft de stad vijfhonderd jaar beschermd en daarna bijna de das omgedaan.
Tot in de negentiende eeuw lag hier een vestingwal met muren, poorten en bolwerken. Toen de Nieuwe Hollandse Waterlinie ten oosten van de stad werd aangelegd verloor die wal zijn militaire nut, en rond 1830 ging alles tegen de vlakte. Wat overbleef was een lege strook rond de binnenstad, en de vraag wat je daarmee doet.
Jan David Zocher junior ontwierp er een park van. Geen rechte lanen maar glooiende paden, waterpartijen en groepen bomen die de blik telkens ergens anders heen sturen, in de Engelse landschapsstijl die toen opkwam. Hij kreeg een kale strook grond waar een vesting had gestaan en maakte er iets van wat niemand had gevraagd. Veel van de bomen die je hier ziet staan er dankzij hem.
Anderhalve eeuw later ging het bijna mis. In de jaren zeventig werd dit deel van de singel gedempt voor een vierbaans autoweg naar het nieuwe winkelcentrum, nog geen kilometer lang en daarmee de kortste snelweg van Nederland. De stad kreeg er files en beton voor terug.
In 2020 is het water weer aangesloten. Na vijftig jaar kon je voor het eerst de hele stad weer rond varen, en het park is hersteld in de geest van het ontwerp van Zocher.
Het bolwerk waar je langskomt als je de geschiedenisroute van deze stad loopt is precies zo’n overblijfsel. Daar begint die wandeling.
Hier eindigt deze. Je bent negen Utrechters tegengekomen die geen van allen deden wat er van hen werd verwacht.
Heb je suggestie voor dit verhaal?